Columns

De erotiek van de Franse taal

  • 4 februari 2015
  • 3m

door Hendrickje Spoor

De erotiek van de Franse taal

Mijn liefde voor Frankrijk is irrationeel en louter door de zintuigen bepaald. Iets in de harmonie van het landschap, de geur van de steden, de smaak van het brood, de klank van de taal trok mij al van kinds af aan onweerstaanbaar aan.

‘Je hebt ons Frankrijk-gen te pakken,’ zei mijn vader wel eens voor de grap. Ik geloof niet dat een dergelijk gen ooit is aangetoond, maar zeker is dat mijn grootvader en overgrootvader ook al hartstochtelijk Francofiel waren. Voor mijn grootvader, de generaal, bestond op aarde maar één literatuur en dat was de Franse. Mijn overgrootvader, een in Frankrijk opgeleide violist die concertmeester werd van onder andere het orkest van tsaar Nicolaas II, sprak eigenlijk alleen maar Frans.

Ik ben dus erfelijk belast met een heerlijke ziekte! Een ziekte die een beetje op verliefdheid lijkt: ik voel me fysiek ellendig wanneer ik niet in Frankrijk ben. Een hol gevoel in mijn maag, niet op mijn gemak, net zoals je je voelt als je grote liefde niet bij je is.

Eenmaal de grens weer gepasseerd, gaat alles beter. Zelfs als de eerste stop een benzinestation langs de autoroute is. Het ’bonsoir Madame’ klinkt me als Chopin in de oren, ook wanneer het wordt uitgesproken met l’accent le plus moche de la France, het accent van het Noorden. De vieze Robusta-koffie smaakt als nectar, en de walm tabac noir die een vrachtwagenchauffeur in mijn richting blaast, komt me voor als oranjebloesem. Ik heb het, zelfs na meer dan tien jaar, nog steeds goed te pakken.

Jaren geleden ontmoette ik een Amerikaanse hoogleraar in de Franse taal- en letterkunde die beweerde dat het Frans een bijzonder erotisch vermogen heeft.

Volgens haar houdt het Frans het midden tussen de ‘koude’ talen van het Noorden en de ‘suave’ talen van het Zuiden, en verenigt het zo het rationele en het irrationele. Wanneer een Fransman echt mooi Frans spreekt, is het alsof zijn geciseleerde zinnen, die hun eigen staart opeten, lichaam en geest tot het uiterste prikkelen. En is dat niet par excellence het wezen van de erotiek?

Het is maar een theorie. Zeker is dat het Frans me iedere dag opnieuw verbaast en me dwingt oplettend te zijn. Niet alleen door de rijkdom van het idioom en de vaak verrassende syntax, maar ook door de nuance van wat niet gezegd, of slechts door intonatie gesuggereerd wordt.

De Fransen zijn welbespraakt en dat kan de indruk wekken dat een Fransman nooit een direct antwoord geeft. Niets is minder waar. Je krijgt precies antwoord, maar je moet interpreteren. Misschien is het een vorm van hoffelijkheid.

Toen ik vanochtend aan mijn buurman Claude vroeg of hij van brandnetelsoep houdt, antwoordde hij: ‘Ah, tu veux faire une soupe d’orties? Avec des pommes de terre? Ma mère en faisait souvent, surtout au printemps quand les feuilles sont bien jeunes et vertes. J’en ai plein dans le jardin, si tu veux en prendre…’

Het antwoord is nee, Claude houdt niet van brandnetelsoep. Het doet hem denken aan zijn jeugd tijdens de oorlog. Ik kan hem beter iets anders voorzetten wanneer hij overmorgen komt eten.

Wanneer ik Marie-Claire, die hier in het dorp woont, vraag of ze misschien belangstelling heeft voor twee rode lampenkapjes die ik over heb, antwoordt ze: ‘Mais non, le rouge va tellement bien chez vous, ça serait dommage de t’en séparer…’

Het antwoord is ja, dolgraag.

Communiceren in Frankrijk betekent niet alleen de taal begrijpen, maar vooral: luisteren naar de intonatie. Het is een spel, met woorden, met lichaamshouding, met fantasie. En misschien dus toch een beetje erotisch.


Nieuws

Blader door onze najaarsaanbieding

De mooiste non-fictie lees je ook dit najaar weer bij Balans: of je nu houdt van geschiedenis of juist gericht bent op actualiteit, we hebben voor ieder wat wils.

Zo kun je in oktober uitkijken naar het prachtige en aangrijpende Dagboek van een invasie van Oekraïense Andrej Koerkov, waarin hij de schrijnende situatie in zijn …

Lees verder